De belastingheffing in box 3 van de inkomstenbelasting gaat tegenwoordig uit van een gedifferentieerd forfaitair rendement, afhankelijk van de hoogte van het vermogen. Dat rendement wordt belast tegen een tarief van 30%. In eerdere jaren, onder andere in 2013 en 2014, gold een vast forfaitair rendement van 4%. Per saldo bedroeg de belasting in die jaren 1,2% van het vermogen boven de vrijstelling. Vanwege de lage spaarrente zijn over meerdere jaren procedures gevoerd waarin de hoogte van het
Meer lezen19 juni 2019
De Wet IB 2001 bepaalt dat vergoedingen voor de arbeid van de partner van een ondernemer niet ten laste van diens winst uit onderneming komen als de vergoeding lager is dan € 5.000 per jaar.
Een ondernemer claimde ondanks deze wetsbepaling aftrek voor de vergoeding van € 1.500 die hij aan zijn echtgenote had betaald voor haar werkzaamheden. De ondernemer voerde aan dat het ging om een vrijwilligersvergoeding. De rechtbank is van oordeel dat de kwalificatie van de vergoeding als
Meer lezen5 juni 2019
Het resultaat uit overige werkzaamheden wordt belast in box 1 van de inkomstenbelasting. Het rendabel maken van vermogen op een wijze die normaal, actief vermogensbeheer te buiten gaat, wordt aangemerkt als een werkzaamheid. Van normaal vermogensbeheer is geen sprake als het rendabel maken van onroerende zaken geschiedt door middel van arbeid van de eigenaar met als doel het behalen van een redelijkerwijs te verwachten voordeel dat hoger is dan het rendement bij normaal vermogensbeheer.
De dga
Meer lezen22 mei 2019
In de Tweede Kamer zijn vragen gesteld over de mogelijke toepassing in Nederland van een Scandinavisch model voor het belasten van winst en inkomen van ondernemers. Het gaat om een duaal stelsel, waarbij kapitaal- en arbeidsinkomen apart worden belast. In de Scandinavische landen wordt een forfaitaire winst toegekend aan vermogen en wordt de overwinst belast als inkomen uit arbeid. Een van de vragen is of een dergelijk stelsel eenvoudiger en rechtvaardiger werkt dan de Nederlandse
Meer lezenEen ondernemer heeft de mogelijkheid om vermogensbestanddelen die zowel zakelijk als privé worden gebruikt als ondernemings- of als privévermogen te kwalificeren. De keuze voor ondernemingsvermogen moet worden gemaakt in het jaar waarin het vermogensbestanddeel voor het eerst voor de onderneming wordt gebruikt. Deze keuze kan gewijzigd worden tot het moment waarop de aanslag van het desbetreffende jaar onherroepelijk vaststaat. Daarna is herziening van de keuze alleen mogelijk op
Meer lezenDe extra uitgaven die een belastingplichtige doet voor een op medisch voorschrift gehouden dieet zijn aan te merken als uitgaven wegens ziekte, invaliditeit en bevalling. Deze uitgaven zijn niet volledig aftrekbaar maar tot vastgestelde bedragen, afhankelijk van het type dieet.
Iemand claimde aftrek van de kosten van een door een oncologisch verpleegkundige aan zijn echtgenote voorgeschreven dieet. De echtgenote had geen separate dieetvoeding voorgeschreven of verstrekt gekregen, maar moest
Meer lezen15 mei 2019
Giften aan algemeen nut beogende instellingen zijn aftrekbaar voor de inkomstenbelasting. Dat geldt niet alleen voor giften in geld, maar ook voor giften bestaande uit het afzien door een vrijwilliger van een vergoeding voor zijn vrijwilligerswerk. Aan deze laatste categorie giften worden enkele voorwaarden gesteld. De vrijwilliger moet aanspraak kunnen maken op een vergoeding voor zijn werkzaamheden en de instelling moet bereid en in staat zijn om die vergoeding te betalen. Verder moet de
Meer lezen8 mei 2019
De Belastingdienst verwacht dat veel mensen bezwaar zullen maken tegen de inkomstenbelastingheffing in box 3 voor het jaar 2018. De staatssecretaris van Financiƫn heeft daarom, mede gelet op de lopende massaalbezwaarprocedures over de belastingjaren tot en met 2017, besloten om deze bezwaarschriften ook aan te wijzen als massaal bezwaar. De aanwijzing betreft bezwaarschriften die de rechtsvraag bevatten of de vermogensrendementsheffing op regelniveau in strijd is met het in het Eerste Protocol
Meer lezen25 april 2019
De rente, die wordt betaald over een eigenwoningschuld, is aftrekbaar voor de inkomstenbelasting. Wanneer fiscale partners gezamenlijk een eigen woning hebben, kunnen zij onderling afspreken hoe de inkomsten uit de eigen woning worden verdeeld. Verlaat een van de partners de eigen woning in verband met de beëindiging van het partnerschap, dan is het afhankelijk van de afspraken die zij maken of en bij wie de betaalde hypotheekrente nog in aftrek komt.
Twee geregistreerde partners waren
Meer lezen24 april 2019
Tot de aftrekbare kosten van een eigen woning behoort de betaalde rente van de eigenwoningschuld. De eigenwoningschuld is het totaal van de schulden, die zijn aangegaan voor de aankoop, verbetering of onderhoud van de eigen woning, en verminderd met het bedrag van een eventuele eigenwoningreserve. Om een verhoging van de eigenwoningschuld in verband met verbetering en onderhoud mogelijk te maken moeten de kosten daarvan met schriftelijke bescheiden onderbouwd kunnen worden.
Hof Den Bosch
Meer lezen













