Het recht om gebruik te maken van sportaccommodaties valt onder het lage btw-tarief. Het gebruik van de sportaccommodatie moet verband houden met de beoefening van sport. Diensten die bestaan uit stalling of opslag van attributen waarmee een sport wordt bedreven vallen niet onder het gebruik van sportaccommodaties en vallen dus niet onder het lage tarief.
Volgens Hof Arnhem-Leeuwarden is de verhuur van de ligplaatsen voor zeilboten en snelle motorboten door een watersportvereniging belast met
28 juni 2018
Volgens vaste rechtspraak van het Hof van Justitie EU verricht een zuivere holdingmaatschappij geen economische activiteiten voor de omzetbelasting. Dat heeft tot gevolg dat een holding geen recht heeft op aftrek van voorbelasting. Een zuivere holding heeft geen andere activiteiten dan het verwerven en aanhouden van deelnemingen. Volgens het Hof van Justitie EU hebben ondernemers recht op aftrek van voorbelasting op mislukte investeringen.
Aan het Hof van Justitie EU zijn vragen gesteld over
17 mei 2018
Het ministerie van Financiën heeft een voorstel tot wijziging van de kleineondernemersregeling in de omzetbelasting ter consultatie gelegd. De huidige regeling geldt voor natuurlijke personen die op jaarbasis minder dan € 1.883 aan btw verschuldigd zijn.
De voorgestelde regeling wordt ruimer, omdat deze ook gaat gelden voor andere ondernemers dan natuurlijke personen, zoals bv’s, stichtingen en verenigingen. Daarnaast wordt de jaaromzet van de ondernemer het uitgangspunt voor de regeling in
5 april 2018
Het wetsvoorstel betreffende de btw-behandeling van vouchers is door de Eerste Kamer als hamerstuk afgedaan. Een hamerstuk is een wetsvoorstel waarover niemand tijdens een plenaire vergadering het woord wenst te voeren en dat zonder stemming wordt aanvaard.
De wet is bedoeld ter invoering van de Europese voucherrichtlijn in de Wet op de omzetbelasting. De richtlijn omvat een definitie, een onderverdeling in soorten vouchers en regels over het al dan niet heffen van btw bij transacties met
8 maart 2018
De staatssecretaris van Financiën heeft een nota van wijziging ingediend op het wetsvoorstel ter afschaffing van de landbouwregeling in de btw. In de nota wordt het in het wetsvoorstel opgenomen overgangsrecht versoepeld. Door de aanpassing hoeven landbouwers die de landbouwregeling toepassen niet al in het eerste kwartaal van 2018 het recht op aftrek uit de periode vóór 2018 te effectueren. In plaats daarvan krijgt de landbouwer het hele jaar 2018 de tijd om zijn recht op aftrek in één keer te
Meer lezen21 november 2017
Het verlaagde tarief in de btw is van toepassing op geneesmiddelen. Door een arrest van de Hoge Raad is duidelijk geworden dat de wettekst te ruim is. Volgens het arrest vallen ook fluoride tandpasta en zonnebrandcrème onder het lage tarief. Dat is niet de bedoeling. Daarom wordt de definitie van geneesmiddel voor de btw aangepast. Het lage tarief geldt dan alleen nog voor producten, die na goedkeuring van de bevoegde autoriteiten als geneesmiddel in de handel mogen worden gebracht. Bepalend is
Meer lezen21 september 2017
De huidige landbouwregeling in de omzetbelasting houdt landbouwers, veehouders, tuinbouwers en bosbouwers buiten de heffing van btw. Zij hoeven geen btw-administratie bij te houden. Omdat de landbouwer geen btw is verschuldigd over zijn leveringen en diensten, kan hij de aan hem in rekening gebrachte btw niet terugvragen. Om cumulatie van omzetbelasting in de bedrijfskolom te voorkomen heeft de afnemer van een landbouwer recht op een forfaitaire aftrek van voorbelasting. Dit forfait bedraagt
Meer lezenIn navolging van de rechtbank is ook het hof van oordeel dat het hoge tarief voor de omzetbelasting van toepassing is op alcoholhoudende dranken, die een restaurant serveert bij maaltijden. De restauranthouder had toepassing van het lage tarief bepleit omdat het serveren van alcoholhoudende dranken als bijkomende prestatie op zou gaan in de levering van de maaltijd als hoofdprestatie. Op maaltijden, die ter plaatse worden genuttigd, is het lage tarief van toepassing. Het verstrekken van
Meer lezen7 september 2017
De kleineondernemersregeling in de omzetbelasting geldt voor natuurlijke personen die een onderneming drijven. De kleineondernemersregeling is een vermindering van de door de ondernemer aan de Belastingdienst te betalen omzetbelasting. De regeling is van toepassing op de ondernemer die op jaarbasis minder dan € 1.883 aan omzetbelasting verschuldigd is. Bedraagt de verschuldigde omzetbelasting minder dan € 1.883 maar meer dan € 1.345, dan wordt het aan de Belastingdienst te betalen bedrag aan
Meer lezen31 augustus 2017
Een ondernemer heeft recht op teruggaaf van omzetbelasting op leveringen en diensten waarvoor hij de vergoeding niet heeft en niet zal ontvangen. Het recht op teruggaaf ontstaat op het tijdstip waarop vaststaat dat de vergoeding geheel of gedeeltelijk niet zal worden betaald. Om aan onzekerheid een eind te maken is per 1 januari 2017 in de wet geregeld dat het recht op teruggaaf geacht wordt te zijn ontstaan uiterlijk één jaar na het tijdstip waarop de vergoeding opeisbaar is geworden.
Tot 1














